Industrie

betrokkenheid en rol van bedrijven

Philips-Duphar op RCN-terrein

15 april 1964

Op het terrein van het RCN in Petten wordt de eerste paal geslagen voor een laboratorium van Philips-Duphar waar men radio-isotopen (oa. Molybdeen-99) gaat maken voor medische diagnostiek. Daarmee zijn er drie gebruikers van het terrein: het RCN zelf, het Gemeenschappelijk Centrum Onderzoek (GCO - Euratom) en Philips-Duphar. Daarbij zal het ook lang blijven. In 1969 vraagt en krijgt Philips steun van het rijk als men dreigt de productie stop te zetten.




RCN verantwoordelijk voor verrijkingsonderzoek

1 juli 1962

De regering verzoekt het RCN de rechtstreekse verantwoordelijkheid voor het verrijkingsproject, voorlopig voor een periode van drie jaar, op zich te nemen. Aan het einde van die periode verwacht de regering een definitief antwoord op de vraag of verrijking van uranium volgens de ultracentrifugemethode mogelijk zal zijn tegen een kostprijs beneden de prijs waarvoor (via gasdiffusie) verrijkt uranium in de Verenigde Staten te koop is. In dit nieuwe kader wordt de industriële participatie uitgebreid en krijgt TNO opnieuw een aandeel in de werkzaamheden. Aan de Wenckebachweg, vlak bij het Amstelstation, in wat nog de gemeente Duivendrecht is, wordt een laboratorium gebouwd dat midden 1963 klaar is, om het onderzoek voort te zetten en te concentreren. Financiering komt nu uit het ‘Nucleair Ontwikkelingsfonds’ van het ministerie van Economische Zaken.


Trefwoorden:


Oprichting Atoomforum

28 februari 1961

In Den Haag wordt op initiatief van een aantal industrieën en het RCN het Nederlands Atoomforum opgericht. Het zal zich bezig houden met het organiseren van bijeenkomsten, discussies en tentoonstellingen en het verstrekken van informatie. Het Atoomforum zal in Nederland slechts een marginale rol gaan spelen.


Trefwoorden:


Twijfel over veiligheid KSTR

januari 1961

Er heerst ernstige twijfel bij Neratoom over de veiligheid van de te bouwen suspensiereactor op het KEMA-terrein, maar gezien (mogelijke orders voor) de komende bouw van de 50 MW reactor acht men “tegenwerking van de SEP ongewenst“. In de aandeelhouders vergadering van Neratoom wordt door de afgevaardigde van de Marine gezegd dat de bouw van een dergelijke reactor in zo’n dicht bevolkte omgeving, gezien de ongelukken met een dergelijke reactor in het Amerikaanse Oak Ridge “levensgevaarlijk” is.




Commissie en Fonds Nucleaire Industriele Ontwikkeling

26 april 1960

De minister van Economische Zaken installeert de ad-hoc Commissie Nucleaire Industriële Ontwikkeling om advies uit te brengen over de mogelijkheden van de toepassing van kernenergie voor de Nederlandse industrie. Die Commissie Tromp (genoemd naar de voorzitter) markeert het begin van een nieuwe periode: in de jaren ‘50 lag het initiatief vooral bij de wetenschap; in de jaren ‘60 vindt er een verschuiving plaats naar de industrie (zie ook de oprichting Neratoom). Ook in de financiering is die verschuiving zichtbaar: in het begin was kernenergie onderdeel van (de begroting van) het Ministerie van Onderwijs, nu zal dat steeds meer veranderen en wordt EZ de leidende kracht.
In 1962 zal als bewijs daarvoor het fonds Nucleaire Ontwikkeling door EZ worden ingesteld om initiatieven uit de industrie te ondersteunen.




Eerste buitenlandse order voor Nederlandse industrie

februari 1960

Voor het eerst heeft een Nederlands bedrijf een order gekregen voor de levering van een onderdeel voor een kerncentrale in het buitenland. Het gaat om een order in het Neratoom-kader aan Stork in Hengelo voor twee stoomgeneratoren voor een kerncentrale in Italië. De opdracht komt van General Electric.




Industrie richt Neratoom op

19 mei 1959

Zes bedrijven (allen betrokken in de RCN) richten de NV Neratoom op: Werkspoor, Philips, Stork, Machinefabriek Breda, Rotterdamse Droogdok Maatschappij (RDM) en Koninklijke Maatschappij De Schelde. Enige tijd later volgen Nederlandsche Dok- en Scheepsbouw Maatschappij, Wilton Feijenoord en Comprimo. De Nederlansche Dok-en Scheepsbouwmaatschappij, Koninklijke Schelde Maatschappij, Wilton Feijenoord Bronswerk, de Machinefabriek Breda zullen in het midden van de jaren zestig fuseren tot Rijn-Schelde en nog later met Verolme tot RSV. Neratoom wordt specifiek opgericht voor de vervaardiging van een zo groot mogelijk gedeelte van de eerste Nederlandse kerncentrale en “te trachten de gehele Nederlandse industrie een zo groot mogelijk actief aandeel te doen nemen in dit voor de toekomst belangrijke toepassingsgebied.”


Trefwoorden:


Philips en de ontwikkeling van kernenergie

15 oktober 1958

De AEC (Atomic Energy Commission) in de VS, beslist dat NV Philips Gloeilampenfabrieken in Eindhoven geen recht heeft op schadevergoeding. Philips heeft een eis tot schadevergoeding van 20 miljoen dollar ingediend wegens hun bijdrage in de ontwikkeling van de atoomenergie. De zaak loopt al vanaf 1953 toen Philips aan de VS zowel een compensatie als erkenning vroeg voor het werk dat het bedrijf had gedaan op atoomgebied. Er is wetgeving die voorziet in compensatie voor patentrechten welke door de VS werden ingetrokken en in beloningen voor uitvindingen of ontdekkingen welke de vooruitgang van het kernonderzoek bevorderden. Philips meent hier recht op te hebben; ze is in 1932 al begonnen met nucleair onderzoek. Volgens de AEC is de wetgeving niet geschreven voor buitenlandse patenten en is de eis niet ingediend binnen de verjaringstermijn.




Bouw Hogefluxreactor begint

28 augustus 1957

Nadat 2 dagen eerder de vergunningen zijn afgegeven, beginnen graafmachines nu met werkzaamheden voor de bouw van het HFR-complex. Aannemer is de Bataafse Aannemings Maatschappij en de stalen hal waarin de reactor komt wordt gebouwd door De Vries Robbe (Gorinchem). De reactor zelf is gekocht van het Amerikaanse A.C.F. Industries. In de kern zal 3,8 kilo splijtstof met hoogverrijkt uranium zitten in 35 splijtstofelementen. Iedere drie weken, zo wordt gesteld, moet de helft van de splijtstof vervangen worden, die, na koeling, “verstuurd kunnen worden naar de fabriek voor opwerking“. Men verwacht dat men (onder-)delen van de reactor al in 1958 zal kunnen gaan testen. Dat zal nog tegenvallen.




Tentoonstelling ‘Het Atoom’

28 juni 1957

Opening van de tentoonstelling Het Atoom op Schiphol. Er is een grote hal speciaal voor de tentoonstelling gebouwd, de gemeente Amsterdam stelde 6,5 miljoen gulden beschikbaar. Onderdeel is onder meer een maquette van de in Petten te bouwen HFR en ook een werkende reactor. Althans zo lijkt het voor de bezoekers. De reactor (620 gram 20% verrijkt uranium splijtstof) was door Prins Bernhard bij de opening in bedrijf gesteld, maar de onder verantwoordelijkheid van het RCN werkende bedieningsploeg constateert dat het echt op vermogen brengen veel te lang zou duren en feitelijk dooft bij de opening alleen het licht onder in het bassin, waardoor de Tsjerenkov-straling (de blauwe gloed) zichtbaar wordt. Ook worden luchtbelletjes in het water opgemerkt en als ’s nachts het publiek thuis onder de indruk droomt van de nucleaire toekomst, wordt onderzoek gedaan en blijkt dat het gas dat uit splijtstofelementen ontsnapt splijtingsproducten bevat. Blijkbaar is de techniek van de Amerikanen die de splijtstof leverden nog niet zo ver ontwikkeld. De tentoonstelling, die tot 15 september duurt, trekt in totaal 750.000 bezoekers (“toegang f 0,50 - inclusief toegang tot de luchthaven”. De reactor zal, zo is althans de bedoeling, na de tentoonstelling in Delft weer worden opgebouwd als de Hoger Onderwijs-reactor (HOR).
Al in januari 1955 had ‘Het Atoom – hoop voor de toekomst’, een rijdende Amerikaanse tentoonstelling, ook diverse plaatsen in Nederland aangedaan.




Inhoud syndiceren